44

Er hing een vaal ochtendzonnetje met een vleugje brutale lente, maar toch blies ik koudewolkjes van opwinding. Om mijn dunne onderarm bungelde een rieten mand, bekleed met een rode boerenzakdoek. In de mand rolden vierentwintig surprise eieren. In mijn haar mijn signature vlechtje met dito strik. Grote passen op mijn nieuwe schoenen brachten me naar…