Hij kon net staan. Zijn beentjes wiebelden in de slaapzak, maar hij hield zich dapper vast aan de
spijlen. Krap tien maandjes jong, stak hij zijn neus nét boven de gietijzeren bedrand uit, zodat hij
uitstekend zicht had op het boek ‘Max en de Maximonsters’. Max zelf sliep met het sluiten van het
boek. Mijn eigen slaapzakkerige hoofdpersoon had daar verminderd zin in. Dan stopte ik hem in,
maar zodra ik het boek had weggezet, stond hij alweer. Dan maakte ik Max gewoon nog eens
wakker, zodat hij zijn Maximonsters weer kon dromen. Onze kleine luisterde ademloos, woordeloos.
En soms vielen we tegelijk in slaap. Ik in de fauteuil en hij, eindelijk door de knieën, op zijn buik, in
dat gietijzeren ledikant.
Met één van zijn huidige lievelingsboeken onder zijn neus, staat hij voor me. Hij kijkt me kort aan, bij
wijze van: ‘Luister je?’ Ik probeer intussen blind een wortel te raspen en traanloos een ui te snijden.
Hij leest me voor. Drie pagina’s uit dat prachtige boek. Ik luister ademloos en zoals ik me vurig had
voorgenomen: woordeloos. Dat laatste lukt niet helemaal, maar dat was de opdracht ook niet. Hij
heeft een voorleeswedstrijd op school binnenkort en ik mag hem tips en tops geven. Ik stróói met
tops. Toch heb ik twee vriendelijke, doch dringende vragen, vermomd als tips. ‘Kun je niet beter een
makkelijker verhaal nemen? En zou je niet iets langzamer praten?’ Voor de vorm doe ik er een korte
les articulatie bij cadeau. Uit de diss-cussie die daar meteen op volgt blijkt dat enkel de tops van
harte welkom waren.
Tuurlijk wil hij exclusieve aandacht. Niet alleen tussen een wortel en een ui. Tuurlijk wil hij niet horen
wat misschien wel beter kan en al helemáál niet van z’n moeder. Maar hij mag verdomme ook wat
van me aannemen.
In verbinding blijven met iemand waarvoor mijn liefde óngekend groot is, het gaat me doorgaans
makkelijk af. En op andere momenten, zoals nu, tijdens het koken van broccoli en woede klingel ik
wat zooi in de vaatwasser, terwijl hij mokkend naar boven loopt. Ik denk intussen na over hoe ik die
tip misschien anders had kunnen brengen, en hoe ik moet leren hem zijn eigen keuzes te laten
maken.
Vijf minuten nadat het kookpunt is bereikt, laat ik me zakken in de fauteuil, die inmiddels is verhuisd
naar de woonkamer. Het ledikant is allang verstoten door het jongensbed, waarnaast die lege plek
die de fauteuil achterliet, al een tijdje in hoopvolle afwachting is van een bureau. Voor eigen lees- en
huiswerk.
Ik sta op, scroll schuldbewust Ikea door, naar het bureau dat ik te lang voor me uitschoof. Voeten op
de trap doen me opkijken van mijn telefoon. Hij gaat zitten op de laatste tree. ‘Luister je?’ Ik luister
woordeloos, eindelijk door de knieën. Naar hoe hij dapper vasthoudt aan zijn eigen gekozen verhaal,
dat hij synchroon aan mijn inmiddels vertraagde tempo, aan mij voorleest.
